Historie: De Groningse trambus

Groningen is een stad met een roemrijke geschiedenis in het stadsvervoer. Ooit waren er trams en ook nu hadden er weer trams moeten rijden, als het aan de gemeente had gelegen. Door een politieke crisis is dat er niet van gekomen en hebben we in de stad nu een soort trambus. Hoe is dat zo gekomen?

Plannen

Het is het einde van de 21ste eeuw als de gemeenteraad in Groningen instemt met een haalbaarheidsonderzoek naar een terugkeer van de tram in de stad. Tot 1961 verzorgde de gemeentetram enkele lijnen in en rond de stad. Zoals in meer steden werd de tram toen vervangen door de trolleybus. Die is allang verdwenen in de jaren 90, als de stad vast dreigt te lopen door het autoverkeer. Een jaar later presenteert de gemeente een eerste serieuze opzet voor de terugkeer van een tram.

Het duurt tot 2006 totdat de plannen concreter worden. De gemeente zet het Project Regiotram op. De bedoeling is dat er uiteinddelijk tramlijnen komen rechtstreeks vanuit de regio tot diep in de stad. Ook het gebied rond het UMCG en de Zernike Campus moeten ontsloten worden door de tram.

Aanleiding

Groningen groeit snel in de jaren 80 en 90. Het bevolkingsaantal stijgt met procenten en dat houdt volgens de prognoses voorlopig nog niet op. Met hoogwaardig openbaar vervoer hoopt de gemeente vooral de binnenstad bereikbaar te houden.

Uit studies blijkt dat een tram de voorkeur geniet boven een bandentram of geleide bus, die op vaste rails rijdt. Om de Groningers kennis te laten maken met de moderne tram wordt er in 2008 een aantal dagen een tram van de formule RandstadRail midden op de Grote Markt geplaatst.

Het raamwerk wordt in 2009 gepresenteerd. Dan blijkt dat er meer verbindingen voorgesteld worden. De gemeente wil in gaan zetten op trams die rechtstreeks vanuit de regio via bestaande sporen rijden. Via het Hoofdstation wordt de stad ingereden, waar de trams overschakelen van diesel naar elektriciteit. Naast de lijn naar Zernike wil de gemeente ook een lijn tussen Hoofdstation en Kardinge, via de Oosterhamrikbaan. Bij het noordelijke gedeelte van het UMCG-terrein moet dan een knooppunt komen waar bussen en tramlijnen samen kunnen komen. De tweede tramlijn moet uiteindelijk doorgetrokken kunnen worden naar nieuwbouwwijk Meerstad.

Probleemgevallen

De tram kon niet op onverdeeld positieve reacties rekenen in de stad. Niet alleen door de honderden miljoenen die de plannen moeten kosten, maar ook door de voorgestelde routes. In de binnenstad wil de gemeente de tramroute in beide richtingen door de Oosterstraat laten lopen, waar de bussen de straat slechts in noordelijke richting gebruiken. Anderen vinden het onwenselijk dat trams “zo groot als treinen” door de binnenstad gaan rijden.

Ook in Selwerd ontstaat een probleem langs de voorgestelde route richting Zernike. Bij de kruising tussen de Kastanjelaan en Eikenlaan is de bocht te complex in combinatie met overige verkeer. Uiteindelijk wordt gekeken naar de mogelijkheid om twee volledige portieken van woningen bij die kruising te slopen om ruimte te maken voor de tram. Nieuws dat op forse kritiek kan rekenen.

Politiek gezien spreekt de Stadspartij zich direct uit als tegenstander van de plannen. Andere partijen volgen later ook. Zo kan het gebeuren dat in 2012 het college van B&W valt nadat D66-wethouder Ton Schroor en SP-wethouder Jannie Visscher door dreigende geldproblemen het project niet meer kunnen verdedigen. De wethouders van PvdA en GroenLinks-tramwethouder Karin Dekker dienden daarop hun ontslag in.

Problemen en geen plannen

Vlak voordat bekend zou worden welke aannemer en vervoerder verantwoordelijk zouden worden voor de bouw en uitvoering van de tram werd de stekker er uitgetrokken. In oktober 2012 moest het project volledig stil zijn gelegd. Terwijl het verouderde buslijnennet op z’n laatste loodjes liep moesten de beleidsmakers in allerijl terug naar de tekentafel.

De gemeente en het OV-bureau konden snel rekenen op een nieuw plan van busvervoerder Qbuzz: Q-link. Een soort tram- of metrobussysteem waarbij de bestaande Citybuslijnen en drukke lijnen richting forensenplaatsen rond Groningen met elkaar werden gecombineerd. 

Linken met de regio

Voor haar plannen kijkt Qbuzz goed naar de Kolibri-plannen. In deze plannen stonden niet alleen de tramlijnen genoemd, maar ook de verbetering van enkele busverbinding rond de stad en richting Assen. Voor Q-link worden enkele van deze voorstellen in sneltreinvaart omgewerkt naar een nieuw plan.

Vanaf het voorjaar van 2013 gaat Qbuzz direct een nieuwe snelle route naar de Zernike Campus testen. Lijn 15 rijdt dan nog over het Akerkhof en door de Oranjebuurt, maar de helft van de ritten gaat vanaf dan via de Eendrachtskade en het Hoendiep rechtstreeks over de westelijke ringweg naar Paddepoel rijden. Het blijkt in het geheim een eerste test voor de nieuwe lijn 15 te zijn.

Het begin van Q-link

In de loop van het jaar wordt duidelijk wat er in het vat zit. De Qliners richting Leek, Roden en Annen worden ondergebracht in het nieuwe project, evenals de Citybus naar de Bornholmstraat. Daarnaast komen er bussen met een hogere capaciteit voor lijn 15, die definitief een rechtstreekse route via de ringweg gaat rijden. Ondertussen gaat de rest van het lijnennet over de kop, waarmee voor het eerst sinds het begin van de jaren 90 een fors vernieuwde situatie ontstaat.

De lijnen krijgen een eigen kleur zoals dat al gebruikelijk is op de Groninger stadsdienst. nieuw is dat de bussen voor Q-link ook fysiek die kleuren in accentvorm krijgen. Voor twee lijnen worden nieuwe gelede bussen aangeschaft. Zij hebben allemaal airco, wifi-internet en usb-oplaadpoorten aan boord. In het najaar gaan de bussen die omgebouwd worden voor de lijn naar Zuidlaren en Annen één voor één de weg op met reclame voor de nieuwe formule.


Filmpje om de komst van Q-link te promoten

In dat weekend begint het dan. Veel verandert er eigenlijk nog niet, want veel nieuwe bussen zijn nog niet klaar. De streekbussen en gelede Citybussen beginnen de dienst met een bordje met de juiste lijnkleur achter het raam. Lijn 15 kan wel direct met haar nieuwe bussen rijden.

Vanaf deze datum rijdt lijn 3 op de route Lewenborg – Leek, lijn 4 tussen Beijum en Roden en lijn 5 tussen Annen en Zuidlaren, Haren en het Europapark. Andere routes in de stad worden herverdeeld en krijgen soms nieuwe nummers, zoals de route naar Paddepoel. Die stond sinds jaar en dag bekend onder lijnnummer 5 maar gaat vanaf januari 2014 door het leven als nummer 9.


Iedere bus heeft een eigen stamlijn en bijbehorende kleur

Schot in de roos

De komst van Q-link stelt niet iedereen tevreden. Nieuw Roden is haar bus kwijt en in de stad zijn bijvoorbeeld de Hortusbuurt en het oostelijke deel van de Oosterparkwijk hun busverbinding kwijt als nevenschade door de plannen. Het gros van de mensen is echter blij, niet in de laatste plaats omdat ze tijdens de eerste ochtendspits worden overladen met goodies. Lijn 5 blijkt ook nog wat problemen te kennen. Reizigers hebben niet door dat de bus bij P+R Haren niet meer keert en zitten voor ze er erg in hebben weer op de A28 richting Zuidlaren. Het resultaat is twintig kilometer meereizen om terug te komen in Haren. Ook ontstaat op deze lijn vertraging door problemen met verkeerslichten welke snel op kunnen worden gelost.

Na twee maanden verschijnt plots een dubbelgelede bus uit Utrecht in Groningen. Het blijkt te gaan om een proefrit voor lijn 11, welke ook bij het Q-link-netwerk moet gaan horen. Na de zomervakantie gaat deze lijn deels dubbelgeleed rijden en is ook de eerst voorgestelde Regiotram-lijn onderdeel van het trambusnetwerk, twee jaar eerder dan de Regiotram volgens planning zou kunnen starten.


Proefdraaien met dubbelgeleed. De streekbus rijdt op lijn 4 omdat nog niet alle nieuwe bussen binnen zijn. Foto: Niels Hulzebos

Wendbaarheid

In tegenstelling tot een tramroute kan een busroute makkelijk worden aangepast. Dat gebeurt in de daarop volgende jaren dan ook meerdere malen. De dubbelgelede bussen van lijn 11 staan regelmatig stil door technische problemen. Uiteindelijk wordt de verbinding de eerste volledig elektrische onder het nieuwe lijnnummer 1. Tegelijkertijd start ook een directe verbinding tussen de Zernike Campus en het Europapark onder lijnnummer 2. Beide lijnen gaat met dezelfde elektrische bussen rijden. Lijn 5 gaat vanaf dan richting Meerstad en Harkstede rijden, waar deze streeklijn 78 vervangt.

Bij UMCG Noord ontstaat uiteindelijk ook het in de tramplannen voorgestelde OV-knooppunt. Met dit knooppunt ontstaan directe verbindingen tussen het oosten en noorden van de stad. Nieuwe Q-link-lijnen komen er tussen Emmen en Klazienaveen en Groningen en Delfzijl. Daar krijgt de drukke streeklijn 140 een nieuwe toekomst onder nummer 6. 

Sinds de start van de nieuwe busconcessie eind 2019 zijn de lijnen 1 t/m 5 zelfs helemaal elektrisch. De nieuwste elektrische bussen van de Franse fabrikant Heuliez hebben zelfs wel iets weg van een tram. Zo is die stiekem toch nog een beetje naar Groningen gekomen. Voor de in 2013 aangeschafte dieselbussen is er ook alweer een nieuwe toekomst: zij zijn verhuisd naar Qbuzz in Utrecht voor het U-link-netwerk. Waar kennen we dat ook alweer van…?


Elektrische bussen op het Q-link-lijnennet

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.